Nieuws

Beschikbare premie in Nederland - snel aan de bak!

Op 17 juni 2012 verraste de Belastingdienst Nederland met een handige verduidelijking over hoe het op handen zijnde Wetsvoorstel Wet Verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd (Kamerstukken 33 290) door zal gaan werken in het besluit van 21 december 2009, nr CPP2009/1487M (ofwel het Staffelbesluit).

Als het wetsvoorstel door gaat, is aanpassing van de staffels uiteraard noodzakelijk aangezien de fiscale ruimte wordt beperkt. Die staffels heeft de belastingdienst opgenomen in die verduidelijking, waarbij de belastingdienst actuele overlevingsgrondslagen heeft gebruikt. Het gaat hier om een verwachte wetswijziging per 1 januari 2014, dus u moet hier volgend jaar al mee aan de slag. Mogelijk zelfs al eind dit jaar, indien u meer voorbereidingstijd denkt nodig te hebben voor het implementeren van deze op handen zijnde wetswijziging in uw pensioenregeling. Dit artikel geeft een eerste indruk van de gevolgen van de komende wijzingen voor uw beschikbare premieregeling en een mogelijk antwoord op de vraag of (en vooral wanneer) u als werkgever daar iets mee moet doen.

De concrete aanpassingen

Veel werkgevers moeten drie zaken wijzigen.

Omdat veel premiestaffels nog niet voldoen aan het hierboven genoemde staffelbesluit uit 2009, zal de premiestaffel zodanig vormgegeven moeten worden dat de administratiekosten en risicopremies niet meer uit de beschikbare premie gefinancierd worden.

De pensioenopbouw zal op leeftijd 67 gericht moeten worden.

De jaarlijkse premiepercentages moeten worden aangepast aan het premiebedrag dat nodig is voor de aankoop van een ouderdomspensioen van ten hoogste 2,15% middelloon. Dit was 2,25%.

De gevolgen van deze aanpassingen

Dat de pensioenrichtleeftijd wordt aangepast van leeftijd 65 naar 67 heeft gevolgen voor het opbouwpercentage. Ter vergelijking: een middelloonpensioen gebaseerd op een opbouwpercentage van 2,15% ingaand op leeftijd 67, komt overeen met een pensioen gebaseerd op een opbouwpercentage van 1,84% ingaand op leeftijd 65. Concreet wordt dus de pensioenruimte met circa 18% beperkt (namelijk 1,84% in plaats van de huidige 2,25%).

Deze beperking heeft uiteraard zijn weerslag op de hoogte van de maximale premie zoals die geldt voor beschikbare premieregelingen. In onderstaand overzicht staan de oude en de nieuwe staffel naast elkaar vermeld zoals die zouden gelden op alle grondslagen van het Besluit 2009, waarbij uitgegaan wordt van sparen voor oudedags- en uitgesteld nabestaandenpensioen (staffel 2). Dit zijn overigens premiepercentages die geen rekening houden met kosten voor de uitvoering (zogenaamde netto staffels).

Tevens hebben wij in het rechter kader de door de belastingdienst berekende staffel toegevoegd op basis van 2,15% middelloon, ingaande op 67-jarige leeftijd, maar op basis van actuele overlevingsgrondslagen.

Maximale premieniveaus u.h.v. het Staffelbesluit (staffel 2)      
Leeftijd Besluit 2009 Situatie 2014 2,15% op 67
2,25% 1,84%  
15 tot en met 19 5,2 4,3 4,6
20 tot en met 24 6 4,9 5,3
25 tot en met 29 7,3 6 6,4
30 tot en met 34 8,9 7,3 7,8
35 tot en met 39 10,9 8,9 9,5
40 tot en met 44 13,3 10,9 11,6
45 tot en met 49 16,3 13,3 14,2
50 tot en met 54 20 16,4 17,4
55 tot en met 59 24,8 20,3 21,5
60 tot en met 64 31,1 25,4 26,8
65 tot en met 66     31,5

 

Concreet komt dit op basis van de oude overlevingsgrondslagen al neer op een verlaging van de pensioenpremie van 18% en dat is dan nog met gebruikmaking van de per 1 januari 2015 verplichte netto staffels.

Is dit een probleem?

Wij denken van wel. Allereerst: sommige werkgevers maken nog steeds gebruik van premiestaffels waarbij rekening gehouden wordt met uitvoeringskosten (zogenaamde bruto staffels). Tot 2015 is dat nog mogelijk. In dat geval is het effect vermoedelijk nog groter. De Belastingdienst houdt namelijk rekening met 10% kosten, maar dit is in de praktijk doorgaans hoger. Het meerdere komt dan ten laste van het pensioenresultaat van de deelnemer. Bij veel bruto staffels zal de achteruitgang vermoedelijk tussen 25% en 30% liggen.

Ten tweede: beschikbare premieregelingen hebben al langer te lijden onder het beperkte premieniveau, zeker in vergelijking met de fiscale ruimte voor middelloonregelingen. Deze effecten kunnen in een middelloonregeling gecompenseerd worden door een hogere premie. Bij een beschikbare premieregeling waar de fiscale maximering op de premie ligt en niet op het opbouwpercentage, is een dergelijke compensatie niet mogelijk. Gezien het te lage premieniveau was het al zo dat het met het huidige staffelbesluit lastig was om met een beschikbare premieregeling een acceptabel pensioenniveau te realiseren. Dat wordt met de komende wijzigingen nog een stuk moeilijker gemaakt.

Wat nu?

Zeker in de huidige omgeving is het niet reëel om terug te gaan naar bijvoorbeeld een middelloonregeling. Sterker nog, de trend gaat de andere kant op. Maar is het nu nodig om u door de overheid te laten dwingen om het pensioen van uw medewerkers met 18% te verlagen als u een beschikbare premieregeling aanbiedt of wilt gaan aanbieden?

Gelukkig niet. U kunt ook onder de gewijzigde wetgeving vermoedelijk nog steeds uw huidige premieniveau handhaven, maar daarvoor is wel een aanpassing noodzakelijk. Zo kunt u onder bepaalde voorwaarden bijvoorbeeld gebruik gaan maken van een zogenaamde premiestaffel op basis van 3% rekenrente. Daarvoor ligt de premiestaffel wel aanzienlijk hoger. Ter vergelijking ziet u onderstaand die maximale premieniveaus op basis van het huidige staffelbesluit.

Maximale premieniveaus u.h.v. het Staffelbesluit (staffel 2)      
Leeftijd Besluit 2009 Situatie 2014 Situatie 2014
2,25% (4%) 1,84% (4%) 1,84% (3%)
15 tot en met 19 5,2 4,3 7,4
20 tot en met 24 6 4,9 8,3
25 tot en met 29 7,3 6 9,6
30 tot en met 34 8,9 7,3 11,2
35 tot en met 39 10,9 8,9 13
40 tot en met 44 13,3 10,9 15,2
45 tot en met 49 16,3 13,3 17,7
50 tot en met 54 20 16,4 20,8
55 tot en met 59 24,8 20,3 24,5
60 tot en met 64 31,1 25,4 29,3

 

Noot: de gewijzigde overlevingstafel is in bovenstaande tabellen niet meegenomen.

Maar ook andere opties zijn mogelijk:

Beoordeel uw beleggingen. Wellicht kunt u met een andere beleggingsmix (of een andere lifecycle) uw pensioenresultaten verbeteren.

U kunt ook overstappen op een regeling waarbij de premiestaffel rechtstreeks in een (gegarandeerde) pensioenuitkering wordt omgezet.

Al met al is dus een heroverweging van uw huidige uitgangspunten een goed vertrekpunt.

Conclusie

Het is vrijwel zeker dat uw beschikbare premieregeling binnen nu en anderhalf jaar moet worden aangepast. Ook is het duidelijk dat steeds meer pensioenregelingen worden omgezet naar een beschikbare premieregeling. Enkele grote Nederlandse multinationals maken nu ook al die stap. Echter, dat begint bij een goed idee over hoeveel pensioen uw mensen kunnen verwachten uit uw pensioenregeling. Hiervoor zijn verschillende modellen voorhanden, die wij graag met u delen. Nu is het moment: de wetgeving wordt aangepast, duidelijkheid over het Pensioenakkoord blijft vooralsnog uit en de economische omstandigheden zijn lastig. Kortom, in de polder blijft het stil, maar u moet wel verder. Wacht daarom niet langer, maar ga vast aan de slag. 

Bron: www.mercer.nl

 

 

 

Zie ook het nieuwsarchief: